Drie aanrakingen die mijn lichaam onthouden heeft

Een tijd geleden vroeg een collega me of ze eens aan mijn borsten mocht voelen. Nog voor ik antwoorden kon, voelden haar handen er al aan. Wat ik daarna gezegd heb, ben ik kwijt. Het gevoel van naderhand is gebleven: dat ik deed alsof het oké was.

Een andere keer streek iemand met haar hand door mijn haar om te checken of het een pruik was, met dezelfde vanzelfsprekendheid waarmee je een sjaal aanraakt om de stof te beoordelen. En ooit heeft een man me een paar keer stevig op mijn rug geklopt, in de stijl van mannen onder elkaar. De aanname dat dit gebaar bij mij paste, woog zwaarder dan zijn kracht.

In alle drie de gevallen werd mijn lichaam behandeld als materiaal voor andermans nieuwsgierigheid of vanzelfsprekendheid. Misschien draag jij een eigen versie mee. Eén keer dat iemand jou aanraakte zonder jouw ja erbij, blijft vaak jaren voelbaar.

Voor ons trans- en/of non-binaire personen draagt aanraking iets extra. Onze lichamen worden vaker bekeken, becommentarieerd, soms aangeraakt zonder dat iemand een ja heeft afgewacht. Wanneer een vriendin haar hand op je arm legt, kan dat hele klimaat plots aanwezig zijn, zelfs wanneer zij niets verkeerd doet.

Touch aversion van binnenuit

Touch aversion is in mijn ervaring een fysieke nee die voor mijn denken uit komt. Mijn schouders trekken op, mijn adem stokt halverwege een beweging. Het lichaam zoekt afstand die ik er met mijn verstand niet van had verwacht. Pas naderhand, soms uren later, kan ik onder woorden brengen wat er gebeurde.

Die reactie komt voor velen onder ons ergens vandaan. Wanneer iemand ooit ongevraagd een gevoelige plek bij je aanraakte, legt je lichaam daar een verband mee. Het koppelt die soort nabijheid aan iets dat eerder verkeerd afliep, en gaat de volgende keer alvast op zijn hoede. Daar komt nog iets bovenop. Veel van ons groeiden op in een omgeving die ons lichaam besprak alsof het een raadsel was om op te lossen. Wie zulke blikken jarenlang voelt, leert het lichaam te bewaken, en dat bewaken werkt door tot in een gewone knuffel.

In de praktijk merk je het zo: een deel van jou beoordeelt een aanraking al voordat ze er is. Een vriendin legt een hand op je rug en je verstijft. Je voelt de drang om weg te stappen, of je adem blijft steken. Wat er op dat moment gebeurt is onschuldig, en toch reageert je lichaam alsof de oude situatie zich herhaalt. Je had je voorgenomen de aanraking gewoon te ontvangen, en je lijf doet iets anders. Op zo'n moment ben je makkelijk het eerst boos op jezelf.

Die boosheid is invoelbaar. Je komt verder wanneer je de reactie van je lijf leest als informatie. Je lichaam weet iets wat je hoofd nog niet helemaal heeft begrepen, en het stelt eigenlijk een vraag. Wil het afstand? Een korte pauze? Erkenning dat dit moeilijk was? Het antwoord is meestal klein en concreet, iets waar je daadwerkelijk iets mee kunt.

Wanneer je lichaam 'nee' zegt, mag je luisteren en kijken wat het van je vraagt.

De spreekkamer als terrein

Ik heb in spreekkamers gezeten met zorgverleners die onberispelijk waren, en toch zat ik er gespannen, nog voor het onderzoek begon. Die spanning ging vooruit op de aanraking die zou komen, en op wat ze precies zou raken. Een medisch onderzoek komt vaak uit bij de lichaamsdelen waar mijn dysforie het sterkst op zit, de delen die ik in het dagelijks leven het liefst met rust laat. De zorgverlener kon nog zo zorgvuldig zijn, mijn lijf droeg de spanning al mee voordat zij begon.

Voor ons trans- en/of non-binaire personen vraagt medische zorg een vorm van dubbele aanwezigheid. Aan de ene kant is het de plek die ons toegang geeft tot wat ons lichaam meer kan laten passen. Aan de andere kant raakt het terreinen waarvan we voor een deel afstand hadden genomen.

Wat helpt is voorbereiding. Voor jezelf benoemen wat eraan komt. Vragen of de zorgverlener handelingen aankondigt voor ze ze uitvoert. Iemand meebrengen die je vertrouwt, wanneer dat kan. Toestemming geven mag in stukjes, en die toestemming kun je op elk moment intrekken. Een zorgverlener die dat respecteert, hoort thuis in jouw zorgtraject.

🌿 Zinnen voor de spreekkamer

"Wilt u elke handeling aankondigen voor u die uitvoert?"
"Dit onderzoek is voor mij gevoelig. Ik geef u een teken als ik een pauze nodig heb."
"Ik gebruik andere woorden voor mijn lichaam. Kunnen we die samen gebruiken?"
"Ik trek mijn toestemming in. We stoppen hier."

Niemand heeft het recht om jou aan te raken om iets over jou te leren.

Knuffels die wel kloppen

Voor mijn coming-out kreeg ik knuffels van familieleden die warm bedoeld waren. Ze kwamen vaak niet bij me aan. Zij hielden iemand vast die ik ondertussen aan het loslaten was. Een knuffel kan niet aankomen wanneer hij gericht is op een versie van jou die je achter je laat.

Sinds ik mezelf beter ken, voelt een omhelzing anders. Sommige passen perfect. Andere voelen vermoeiend, zelfs wanneer de bedoeling lief is. Wat ik geleerd heb: een knuffel mag onderhandeld worden. Met woorden of zonder. Een blik die ja zegt, een stap die zegt 'liever niet'. Wie van jou houdt, leert die taal.

En jij mag de taal blijven aanpassen. Het lichaam dat je vandaag bent, hoeft niet hetzelfde te zijn als het lichaam dat je morgen bent. Een omhelzing van vorige week is niet automatisch dezelfde van vandaag, en dat is in orde.

Seksualiteit, en wanneer jij iemands experiment wordt

Ooit zei iemand tegen me: "Ik heb altijd al willen weten hoe seks aanvoelt met een trans persoon." Wat moest ik daarop antwoorden? Ha ja, je bent hier aan het goede adres? Zijn bedoeling bleef voor mij onduidelijk: een onhandige avance, nieuwsgierigheid die hij beter voor zich had gehouden, iets ertussenin.

Eén ding was duidelijk: voor hem was ik op dat moment een experiment dat hij nog niet had gedaan. Mijn persoon deed er even niet toe. "Hoe voelt het met een trans" gaat over wat ik op zou leveren in iemands seksuele bibliotheek. Het gaat niet over mij.

Seksualiteit voor velen onder ons trans- en/of non-binaire personen speelt zich vaak af tegen die achtergrond. Sommigen vragen tijdens of voor seks dingen die in een museum thuishoren. Anderen verwachten een soort attractie. En weer anderen projecteren een fantasie op iets dat over jou had moeten gaan.

Naast wat anderen op je projecteren, is er nog wat er in jouw eigen lichaam gebeurt. Dysforie verdwijnt niet bij de slaapkamerdeur. Een lichaamsdeel dat aangeraakt wordt, kan een gevoel oproepen dat ver van verlangen ligt. Een woord dat je partner gebruikt, kan kloppen of juist alles platleggen. Verlangen en dysforie kunnen in dezelfde minuut aanwezig zijn, en dat maakt seks voor velen van ons iets dat aandacht en afstemming vraagt.

Seksualiteit met iemand die jou wel als persoon ziet, voelt fundamenteel anders. Daar mag je gevraagd worden welke woorden kloppen voor jouw lichaam. Een pauze is gewoon een pauze. Wat tijdens de actie niet bleek te werken, mag je achteraf bespreken zonder dat het een crisis wordt.

Vooraf praten helpt. Welke aanrakingen passen vandaag? Met welke woorden voel jij je goed? Spreken we een teken af voor pauze? Wat heb ik nodig na afloop? Dat soort vragen klinken op het eerste zicht onromantisch. In de praktijk maken ze echte nabijheid mogelijk.

🌸 Zinnen voor intieme momenten

"Ik wil graag dat je deze plek noemt met dat woord. Lukt dat voor jou?"
"Ik heb een pauze nodig. Niets verkeerd, gewoon even ademen."
"Vandaag voelt mijn lichaam anders dan vorige week. Dit is wat nu werkt."
"Kunnen we daar eerst over praten voor we verdergaan?"

Je eigen huid leren kennen

Voordat je weet wat fijn voelt van iemand anders, is het soms helpend om opnieuw te ontdekken wat fijn voelt van jezelf. Dit mag heel laagdrempelig blijven. Het gaat erom dat je leert waar jouw huid wakker wordt.

1

Begin bij je eigen handen

Een crème die je rustig op je armen smeert. Je gezicht wassen met aandacht. Welke beweging voelt eigen, welke voelt mechanisch? Die opmerkzaamheid is waar het begint.

2

Maak het los van prestatie

Onderzoek aanraking puur om te voelen wat er gebeurt. Je huid mag iets prettig vinden om het prettige zelf, los van opwinding, rust of bewijs. Merk op waar ze blij van wordt en laat het daarbij.

3

Verzamel jouw eigen taal

Houd ergens bij wat je ontdekt. Welke druk werkt? Welke beweging is teveel? Welk soort huidcontact ontspant je? Die taal is later goud waard wanneer je iemand anders ermee wilt vertrouwen.

4

Deel in stukjes

Wat je leert, mag je in delen geven. Een paar woorden vooraf. Tekens die jullie samen afspreken. Of een gesprek erna over wat anders had gemogen. Wie het waard is dichtbij te komen, neemt de tijd om jouw handleiding te lezen.

Wanneer aanraking je overvalt

Het overkomt me nog steeds. Iemand slaat van achteren een arm om me heen, en mijn lichaam schiet plots een schakel verder dan ik wilde. Dat overvalt mij. Dat overvalt de persoon die de aanraking deed. Een korte pauze in de lucht waarin niemand goed weet wat te doen.

Wat helpt in zulke momenten is mild blijven voor jezelf. Drie ademhalingen, een hand op je eigen borst of dijbeen, een woord hardop tegen jezelf: "ik ben hier, dit is voorbij." Wat water nadien. Iemand bellen die jou kent zoals je bent.

Het lichaam reset op zijn eigen tempo, en jij mag het daarbij bijstaan. Je kunt het begeleiden zoals je iemand begeleidt van wie je houdt, met aandacht en zonder haast.

Geduld als basishouding

Wij hebben geleerd om snel te zijn. Snel te genezen, ons aan te passen, voor anderen leesbaar te worden. Aanraking opnieuw leren kennen vraagt het tegenovergestelde. Het vraagt traagheid. Het vraagt dat we accepteren dat een hand op je arm de ene week prima voelt en de volgende week onverdraaglijk.

Geef jezelf toestemming om het tempo van je lichaam te volgen. Wat vandaag werkt, kan morgen anders aanvoelen. Wat een jaar geleden onmogelijk leek, kan vandaag wel gaan. Dat heen en weer is het ritme van een lijf dat herstelt.

Affirmaties om bij stil te staan

Mijn lichaam mag het tempo bepalen.
Aanraking op mijn voorwaarden voedt mij.
Een nee van mij is een vorm van zorg.
Mijn huid leert nieuwe taal in haar eigen tijd.
Wat fijn voelt mag ik blijven ontdekken.

Een omgeving die jouw tempo respecteert

Wat helpt is omringd zijn door mensen die jouw tempo respecteren. Vrienden die niet teleurgesteld zijn als je vandaag liever geen omhelzing wilt. Een partner die jouw nee evenveel waarde geeft als jouw ja. Mensen bij wie je gewoon mag zijn, zonder dat er iets van je verwacht wordt.

Naast die mensen mag je ook iets voor jezelf hebben. Een vaste plek waar je naartoe gaat om bij te komen, je gedachten te ordenen, opnieuw voeling te krijgen met wat jouw lichaam vandaag vraagt. Iets dat van jou is, en dat meebeweegt met jouw ritme.

Bij TransOasis werken we aan iets dat je hierbij gaat ondersteunen. Een hulpmiddel dat je helpt om die verbinding met jezelf op te bouwen, in kleine stappen en op jouw tempo. Het is volop in opbouw en we verwachten het in augustus te kunnen delen.

Geef me een seintje